Het verhaal van brug 401: de affaire Koco

Plan Zuid
Als brug 401 vergeleken wordt met de Kramerbrug (nog te bespreken), is er wel een verschil te zien. Daar waar Kramer duidelijk de brug ook als kunstobject zag, toont brug 401 het beeld van een strak en functioneel ontwerp geheel passend in het Nieuwe Bouwen dat architect en gemeentelijk bouwmeester Berlage voor ogen stond toen hij het Plan Zuid ontwikkelde. Om hem heen zocht hij architecten die dezelfde inzichten over strak en zakelijk bouwen met hem deelden. Een van hen was Jan Jouke Zietsma (1893-1962). Toen de gemeente in 1916 de opdracht gaf om de beide oevers tussen de Van Woustraat en de Rijnstraat te verbinden, viel het oog op hem. Het zou pas 1925 worden toen de werkzaamheden rondom de brug daadwerkelijk begonnen en werden voltooid. In de tussentijd ontwierp Zietsma op de hoek van de Waalstraat en de Amstelkade een woningcomplex dat de Chewre Sjoel omvatte, een gebedshuis voor de groeiende joodse gemeenschap in Zuid. Dat bouwwerk werd tijdens de oorlog gesloopt. Pas in de loop van de eind jaren tachtig werd op die plaats de bouw van het huidige appartementencomplex met kinderdagverblijf ter hand genomen. Hoewel Zietsma actief betrokken was bij de bouwplannen rondom het Plan Zuid, is er nu niets meer over dat aan zijn werk herinnert. Behalve dan brug 401.

De affaire 'Koco'
Dat deze brug in de loop van de oorlog een belangrijke rol zou spelen in het Amsterdamse verzet tegen de Nazibezetting, toonde een incident aan dat zich op 9 februari 1941 in de binnenstad voltrok. NSB'ers vielen toen het cafécabaret Alcazar aan het Thorbeckeplein binnen, waar nog veel joodse artiesten optraden. Tijdens hevige gevechten werd een van deze NSB'ers – Hendrik Koot – zwaar gewond afgevoerd. Kort daarop overleed hij in het ziekenhuis. De SS ging direct over tot afsluiting van de binnenstad; de Joodse Raad werd opgericht. Maar de onrust in de stad bleef bestaan. In de Rivierenbuurt bevond zich recht tegenover brug 401 de ijssalon Koco. Eigenaren waren de kooplieden Ernst Cahn en Alfred Kohn, Duitse joden die Hitler in de jaren dertig waren ontvlucht. Het gerucht dat de Ordnungspolizei een inval bij Koco overwoog, leidde ertoe dat de beide eigenaren een knokploeg verzamelden om de Nazi’s tegen te houden. Op 19 februari 1941, tien dagen na de overval op het Alcazar, volgde de aanval. Ernst Cahn en Alfred Kohn hadden de knokploeg met flessen ammoniak uitgerust om de vijand tegen te houden, een gebeurtenis die later als de affaire 'Koco' de geschiedenis inging. Uiteindelijk lukte het de Ordnungspolizei, gesteund door op wraak belustte NSB'ers, om de ijssalon te bezetten en de beide eigenaren in gevangenschap af te voeren. Ernst Cahn werd door een SS-rechtbank ter dood veroordeeld en zou een van de eerste verzetslieden worden die op de Waalsdorpervlakte bij Wassenaar werden geëxecuteerd. Alfred Kohn werd tot tien jaar tuchthuis veroordeeld, maar overleed eind 1941 in het concentratiekamp Neuengamme aan de gevolgen van ziekte en ondervoeding. Hun arrestaties vormden de definitieve aanleiding voor de Februaristaking die de havens van Amsterdam en Zaandam platlegden. Wat daarna gebeurde, is bekend.

Ernst Cahn en Alfred Kohnbrug
Na de oorlog veranderde niets aan de naamgeving van brug 401. 'Business as usual' leek het devies in een tijd waarin wederopbouw prioriteit kreeg boven herdenken. De bijna Oosteuropees communistisch aandoende neutrale aanduidingen van brugnamen bleven bestaan. Zo ook voor de brug die met de affaire Koco de grondslag legde voor een toen nog ongekende vorm van verzet tegen de Nazi’s: een wilde staking. Pas in 2008 volgde een burgerinitiatief richting de deelraad Zuid om brug 401 de naam te geven die verwees naar deze twee sleutelfiguren uit het verzet. Het initiatief werd unaniem door de deelraad gesteund en vanaf dat moment prijken de namen van de twee eigenaren van Koco, Ernst Cahn en Alfred Kohn, op de rand van de brug. Van onderaf merken we daar als roeiers niets van. Maar dat maakt de geschiedenis van deze brug er niet minder bewogen om.

Her Grimbergen

2016 09 06 brug401

Brug zonder naam

 

brug403 klein
Menig Amstel-roeier roeit onder brug 403 door zonder er acht op te slaan. Jammer eigenlijk.

De Brug Zonder Naam

Na de Pizzabrug (eigenlijk de Amsterdamse School Brug) is het de tijd voor…. ja, voor wat eigenlijk? Of preciezer: voor welke brug? Het gaat namelijk over de brug die ter hoogte van het Okura-hotel de Van der Helststraat met de Maasstraat verbindt. 'Brug 403' volgens het kadaster van de gemeente. En dan doet zich even een probleem voor: deze burg heeft helemaal geen naam. Als ik de archieven napluis, kom ik erachter dat - daar waar de Vereniging Oud Zuid de drijvende kracht is geweest om de bruggen over het Amstelkanaal een naam te geven - deze bij de naamgeving nu juist tot op heden lijkt te zijn vergeten. Brug 403 – de Brug Zonder Naam.

 

Piet Kramer
Wat deze brug met de alle tot nu toe beschreven bruggen verenigt, is het feit dat ook hij een belangrijke rol vervult in de ontstaansgeschiedenis van het Plan Zuid van bouwmeester en architect Berlage. Brug 403 vormde daarbij de verbinding tussen de toen kersverse Maasstraat en het deel van de stad dat tot De Pijp wordt gerekend. Ontwerper van deze brug is Piet Kramer. Aardig te weten dat hij voor ruim vijfhonderd brugontwerpen in Amsterdam heeft getekend, waarvan er ruim 220 zijn gerealiseerd (inclusief 'kippenbruggetjes'). Maar er is een verschil met de Pizzabrug. Is deze nog rijkelijk versierd (zie mijn eerdere blog), brug 403 is daarbij vergeleken een toonbeeld van eenvoud: een strakke, massief aandoende ontwerplijn. Slechts een kleine, verborgen gevelsteen aan de waterkant bij de Jozef Israelskade geeft een jaartal aan: 1926.

Fluisterboten
In de tijd tussen de verwezenlijking van het Plan Zuid en nu is er het nodige veranderd aan de oevers die door brug-zonder-naam wordt verbonden. Niet zozeer aan stuurboordzijde als we de roeivereniging richting de Amstel verlaten. De strakke bouw van de Amsterdamse School domineert nog altijd de Amstelkade. De Maasstraat is daarop geen uitzondering. Slechts het karakter van deze straat is veranderd: als centrum van een gedegen middenstandsbuurt naar een winkelstraat met een zekere allure. De bakboordzijde heeft daarentegen de afgelopen decennia grote veranderingen ondergaan. In de loop van de jaren zestig van de vorige eeuw werd de oude RAI aan de Ferdinand Bolstraat gesloopt. Een groter RAI-complex verscheen aan het Europaplein. Het toenmalige gemeentebestuur zag de kans om Amsterdam cultureel in de vaart der volkeren op te stoten door een lang gekoesterde wens in vervulling te laten gaan: een eigen operagebouw waarmee de stad zich met de andere Europese hoofdsteden kon meten. Het oude RAI-terrein was beschikbaar. Probleem was wel de excentrische ligging ten opzichte van de binnenstad. Maar de oplossing leek te liggen in de combinatie met de bouw van een hotel dat de cultureel gezinde toerist zou aantrekken. Contacten met internationale ketens resulteerde ten slotte in een overleg met het Japanse Okura-concern dat wel brood in de plannen van de gemeente zag. Het hotel is er uiteindelijk op die plaats gekomen; de (st)opera daarentegen niet. Wat uiteindelijk kwam was een steiger – voor fluisterboten.

Her Grimbergen
8 maart 2016

brug403 groot

Het bruggetje dat er niet mocht zijn

door Her Grimbergen

Het groene bruggetje

Dat bleek ooit de bijnaam te zijn van het houten bruggetje dat het statige voormalige Berlage Lyceum aan de Jozef Israelskade met de Reggestraat verbindt. In het verlengde daarvan ligt aan de andere oever de Waalstraat met zicht op de plek waar ooit de Chewre Synagoge van Jan Jouke Zietsma (augustusnummer Amstelkanaal) heeft gestaan. Waar de bijnaam “het groene bruggetje” vandaan is gekomen, is niet echt meer te achterhalen. Een onooglijk bruggetje dat tot voor niet zo lange tijd geleden zelfs op de nominatie heeft gestaan afgebroken te worden: verrot als het hout was, bleek sloop een goedkopere oplossing te zijn dan restauratie of zelfs nieuwbouw. Het pakte anders uit.