GOUD

De taxi heeft me al vroeg afgezet bij De Amstel op deze frisse maar zonovergoten zaterdagmorgen. In de sociëteit is het een bende, de vloer plakt van het bier van de vorige avond en alle stoelen staan op de tafels. Ik loop maar gauw door naar het terras, waar ik bijna de enige ben. Ik sleep een stoel tegen de reling en ga zitten kijken naar de Kom. Voorzien van de nodige hulpstukken gaat dat nog wel. Ik zie de zon een wolk van vonkjes maken die opspetteren van de golfjes achter het grote vlot, aan alle vlotten is het een rustig heen en weer van aankomende en vertrekkende boten. Soms moet ik even de ogen sluiten als een wat erg onhandige "bemanning" een boot bij het binnenbrengen bijna uit de handen laat vallen maar als de knal achterwege blijft ga ik verder met kijken. Daardoor zie ik in de verte een C3 uit het Amstelkanaal komen waarin, te zien aan hun postuur en bewegingen, ik de Oude Mannen vermoed waarmee ik straks een kop koffie zal nuttigen. Voorlopig zie ik alleen silhouetten maar als ze dichterbij komen zie ik dat ze het zijn. Meesterlijk gestuurd glijdt de boot langzaam en foutloos langszij de binnenkant van het grote vlot en komt kalmpjes tot rust. "Vakmanschap is meesterschap", de oude slogan van een beroemd biermerk schiet me door het hoofd. Bravo knarren, zo hoort het. Als de boot stil ligt stijgen twee roeiers uit en begeven zich naar de achterkant van de boot, waar de stuur zit. In een goed getimede doorgaande beweging wordt de stuur aangevat en hoplakee op het vlot gezet. Daar begint hij meteen enthousiast naar me te schreeuwen, ik ben gezien! Aan het andere eind van het perron tilt inmiddels een ander lid van de bende zijn skiff uit het water, zwaait naar me en verdwijnt in de skiffloods. Het begint gezellig te worden.
Een kwartier later zitten we allemaal in een grote kring in de zon de welverdiende koffie te slurpen en vliegen de kwinkslagen weer over de tafel.

Goud van oud.

Dirk

STIL

Mijn zondag was vol van muziek. In de middag zat ik op het balkon in de zon met de draadloze koptelefoon op m'n hoofd het hele Requiem van Verdi af te luisteren (waar heeft die man zin in) en daarna genoot ik met volle teugen van het programma Podium Witteman, waar altijd verrassende mensen optreden. Deze keer dat schattige Russische meisje van 11 die Rameau speelde of ze veertig was , en natuurlijk Dame Kiri Te Kanawa met haar hondjes. En terwijl ik daar zo mee bezig was schoot me te binnen dat ik zaterdagmorgen nog op de Amstel was om koffie te doen met de oude mannen, waarvan een deel net het avontuur achter de rug had van de dames die waren omgeslagen met de Bora op de rivier. Jaja, reuring zat.
Mijn punt was, toen ik zo zat te mijmeren: doe ik die dingen tegelijkertijd? Een middag meedrijven met prachtige muziek èn socialising in een roeiclub? En heeft dat wat elkaar te maken?
Als je naar de site van de Amstel kijkt dringt die link zich niet bepaald op. Daar is het nogal van mannemannemachoooo: Coastal Rowing hier, IJmeer Challenge daar, Shanghai Brons zus en Klok-WK zo, en 50 jaar Olympisch Goud voor Jan. Prachtig, helemaal waar en om trots op te zijn.
Maar roeien heeft ook zijn heel stille momenten. Denk eens aan die zomerochtend dat je ruim voor je werk even in je skiff de rivier op gaat, of meedoet aan een Vaardigheidsproef en buiten de stad de mistflarden boven de rivier ziet hangen. Denk aan de doodstille stadjes in Friesland waar je doorheen glijdt, midden in de nacht als je meedoet aan de Elfstedentocht of aan de stille polders als je midweek roeit.
En dan zie ik wel weer die link tussen roeien en de aangrijpende passages uit het Requiem van Verdi, of met het briljant-ingetogen pianospel van dal kleine Russische meisje bij Witteman.
En dan prijs ik me gelukkig dat ik weet dat er een Amstellid rondloopt met het plan om een stukje te schrijven voor dit gremium over ritme en roeien, een idee dat ze opdeed in een zomerweek Saxofoon Spelen……

Maar dat komt later.

Dirk